Man Leben – Zuid Limburg


Die Zeit die man leben nennt [1]

Tot het einde van 1941 heb jij als een Amsterdamse jongen de vroege jeugd in Amsterdam doorgebracht.

[2]

Geen bestaand mens en plaats heeft model gestaan voor een van de hoofdpersonen en plaatsen. Hun namen zouden ook Alleman, Iederman en Overal kunnen zijn. Net voor jouw achtste verjaardag heb jij afscheid moeten nemen van jouw ouders. Na een nacht logeren bij jouw tante, ben jij via enkele tussenstations met de nieuwe naam Hermanus Maria Jacobus Leben – roepnaam Man – als katholieke jongen op een boerderij in Zuid – Limburg aangeland.

Jij bent op jouw achtste verjaardag in een land terecht gekomen waar een taal zover reikt als tot waar je kunt kijken [3]. Door dit land zijn zoveel vreemde legers getrokken dat het nieuwe bewind uit Duitsland geen schokkende verandering bracht. Maar met de wijze waarop men er leeft en wie er mag leven, daar heeft de Pruusj – of Duitser –  en de Hollander niets mee te maken. In 1942 is het leven verder gegaan zoals het al vele duizenden jaren verder gaat.

Jij gaat verder met jouw lagere schooljaren:

“Een lange reis te voet, achter op de fiets, per trein en met paard en wagen is gevolgd toen ik bij mijn tante vertrok. Een aantal nachten heb ik bij verschillende mensen gelogeerd. Tussendoor ben ik Katholiek gedoopt en ik heb een nieuwe naam gekregen. Deze naam gebruik ik nog steeds. Aan het einde van de reis ben ik net voor het vallen van de avond in een andere wereld terecht gekomen; een boerderij in de omgeving van Valkenburg aan de Geul [4]. Ik kon niemand verstaan. De boerderij leek op een kasteel omringd met muren en de gebouwen roken anders dan alles wat ik gewend was. De boer en boerin – die mij (tijdelijk) als peetoom en peettante hadden geadopteerd – en de knechten waren gastvrij. Eerst kreeg ik avondeten, brood, veel lekker beleg. Ik was moe en ben snel in slaap gevallen in een vreemde slaapkamer. De volgende morgen begon het ritme van de boerderij, kerk en school: eerst helpen met het melken van de koeien, mee naar de kerk – een vreemde wereld – ontbijten en dan naar school. De pastoor heeft mij in de klas voorgesteld. Vreemde blikken; ik kon niemand verstaan. Na school helpen op de boerderij. Later ook spelen met klasgenoten. Op school bleef ik een buitenbeentje: ik kon veel te goed leren.

[5]

Na de periode van gewenning is dit de mooiste tijd uit mijn leven geweest. Alles was stabiel tussen mijn achtste en twaalfde jaar. In die tijd ben ik gaan wennen aan de seizoenen, de verandering van het licht en de ritmiek van de natuur. Ik draag nog altijd de veldbloemen met mij mee, de kerk met de processies door de velden, en het goud gele licht uit die tijd.

[6]

Al snel mocht ik net als alle kinderen van school, gaan biechten. Ik probeerde als een van de laatsten aan de beurt te zijn. Nadat enkele klasgenoten aan de beurt waren geweest, ging het deurtje van de pastoor open, hij deed kwaad het deurtje van een brutale jongen open, en na enkele kletsende draaien om de oren – in een boeren omgeving deed dat geen pijn – mocht hij zijn boetedoening verrichten. Ik had eigenlijk geen zonden, maar ik besloot een paar kleine zonden te verzinnen; mijn eerste afwijking van het rechte pad – later volgenden er meer.

Op 10 jarige leeftijd ben ik onverwachts verliefd geworden op een meisje in het dorp. Het leek of de bliksem insloeg, zo heftig en onverwachts; ik zag alleen een witte gloed. Daarna was het leven anders met extra gevoelens en zorgen erbij. Niemand heeft hier ooit van geweten.

Nooit meer heb ik later zo onbevangen meegeholpen op de akkers bij het ploegen, eggen en zaaien. De geur van vers omgeploegde aarde rook nog alleen naar groei en bloei. Nadat ik uit Zuid Limburg ben vertrokken is hierbij ook nog een droeve geur bij gekomen [7].

Tussendoor is in september 1944 het andere bewind afkomstig uit Duitsland verdreven uit Zuid Limburg zonder enige schermutselingen in ons buurtschap. In de buurt van Aken, in de Ardennen en in Noord Limburg is wel hevig gevochten. Er arriveerde een nieuw bewind uit het Westen met eerst de spanning van de verandering en later de gewenning; het leven hernam zijn ritme.

In de zomer van 1946 is mijn tante gekomen. Met haar ben ik verhuisd naar een dorp in de buurt van Rotterdam. Ik ging van een omgeving die volkomen Katholiek is naar een plaats die doordrenkt was van een innerlijk geloof en schuldgevoel met een harde “G” en scherpe “S”. Als ik terugkijk is deze verhuizing naast het krijgen van kinderen de grootste verandering in mijn leven”, zeg jij.

“De veranderingen zullen  grote schokken zijn geweest”, zeg ik.

“In Limburg kwam het zoals het kwam, het was zoals het was en het ging zoals het ging; niet anders. De verliefdheid, dat was wel een verandering. Daarna was het leven niet meer hetzelfde, niet meer zorgeloos zoals daarvoor. Ik heb er een heel goede tijd gehad. Rond 1975 heb ik nog een kleine twee jaar op dezelfde boerderij gewoond: weer een goede tijd. De schokkende zaken kwamen pas toen ik weer in Holland ging wonen”, zeg jij.

Het volgende bericht gaat over jouw middelbare school jaren in de buurt van Rotterdam.

– “Wie ben jij – Deel 1” – is klaar om te downloaden –

– Zie pagina: “Wie ben jij – Deel 1”


[3] In Frankrijk reikte de grens van een taal tot de tijd van Napoleon niet verder dan tot waar men kon kijken. Zie:  Robb, Graham, The discovery of France. London: Picador, 2007

[4] Geen bestaande boerderij of plaats in de buurt van Valkenburg heeft model gestaan voor dit bericht.

[5] Voorbeelden van boerderijen in Zuid Limburg. Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Bestand:Houtemstgerlach.jpg

[7] Denk aan de titel van Pavese, Cesar, La terra e la morte.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s