Tagarchief: Nyhavn

Narrator – Een man zonder eigenschappen


Opmerking: Dit bericht is een studie in vertrouwen en verraad; de personen en situaties in dit bericht zijn fictief.

De tweede winter in Kopenhagen ontmoette ik op een regenachtige namiddag een man die de loop van de komende vijf jaren in mijn leven zou gaan veranderen. De geboortenaam van deze man ben ik pas na zijn dood te weten gekomen; hij noemde zichzelf in mijn bijzijn Raaf. Ineens stond hij ongemerkt naast mij. Nadat hij zich had voorgesteld, zijn wij in de buurt van Nyhavn in een klein restaurant gaan eten. Die avond hebben wij samen doorgebracht en die nacht is hij in mijn zolderkamer blijven slapen. In de loop van de volgende vijf jaren heb ik hem met tussenpozen op vele plaatsen in Europa ontmoet; meestal bleef hij een avond en nacht, soms waren wij enkele dagen samen.

Mee en mee vertelde hij over zijn verleden; over zijn werk was hij zwijgzaam, maar ik begreep dat zijn beroep te maken had met vertrouwen en verraad in alle vormen en gradaties. Zijn werk bestond uit het ongemerkt achterhalen van vertrouwelijke informatie in andere landen en uit het verspreiden van aangepaste of misleidende informatie. Net als ik, sprak Raaf foutloos en accentloos vele talen en dialecten; ook op deze manier paste hij zich aan als een kameleon aan zijn omgeving. Hij wisselde geregeld van naam en paspoort.

Segal_Rush_hour[1]

Uit ons gesprekken maakte ik op dat Raaf tegen het einde van de Eerste Wereld Oorlog in de buurt van Londen in Engeland was geboren. Enkele jaren voor de Tweede Wereld Oorlog ging hij eerst in Heidelberg en later in München Filosofie en Taalkunde studeren. Daar ontmoette hij twee vrienden voor het leven – hij noemde hen Vos en Beer.

Vos was een medestudent die was opgegroeid in het Rijnland en Beer was de vader van hun vriendin. In alle omstandigheden zijn zij elkaar trouw gebleven en daarmee hebben zij alles en iedereen in hun omgeving verraden.

Aan het begin van de Tweede Wereld Oorlog zijn Vos en Raaf in Duitsland strategische informatie gaan achterhalen voor Rusland en voor Engeland. Beer was een hoge officier in het Duitse leger die Vos en Raaf beschermde voor het noodlot, omdat Beer het nieuwe bewind in Duitsland met heel zijn wezen verachte en omdat hij zielsveel van zijn dochter hield. Raaf is tijdens de Tweede Wereld Oorlog enkele keren naar Engeland gegaan waarna hij in Frankrijk, België, Nederland  en Duitsland is teruggekeerd om met hulp van bekenden en familieleden misleidende informatie te verspreiden en om nieuwe geheime informatie te achterhalen. Hierbij heeft hij soms met opzet het leven van familieleden in gevaar gebracht; sommigen hebben hierdoor de oorlog niet overleefd.

Aan het einde van de Tweede Wereld Oorlog is Beer door de Engelsen krijgsgevangen genomen. Raaf heeft met hulp van zijn contacten in Engeland ervoor gezorgd dat Beer versneld een nieuw leven als zakenman kon beginnen.

Na de oorlog heeft Vos – met zijn voorkeur voor socialisme en communisme – besloten om voor de geheime dienst in Oost Duitsland te gaan werken; hij kreeg binnen deze dienst snel een sleutelpositie.

Raaf – met een hang naar instandhouding van traditie – is in juni  1945 naar Engeland teruggekeerd om voor een Britse geheime dienst te gaan werken. Eerst heeft hij voorgoed afscheid genomen van zijn vriendin – de dochter van Beer, die een maand later met Vos is getrouwd. In februari van het volgend jaar is uit dit huwelijk een dochter geboren die sprekend op Raaf leek.

Tijdens de hele koude oorlog had Raaf onzichtbaar voor de buitenwereld de leiding kreeg over de Oost Europese activiteiten. Ook in deze positie heeft hij het leven van collegae, vrienden, bekenden en familieleden op het spel gezet; een aantal van zijn naasten hebben hun missies in Oost Europa niet overleefd.

Berlin_tanks[2]

De leegte veroorzaakt door de dood en afwezigheid van zoveel dierbaren bleef overal en altijd in zijn leven. Met deze peilloze leegte en met zijn voortdurende angst voor ontdekking deed hij boete voor zijn daden en voor het verraad aan alles en iedereen in zijn omgeving.

De volgende middag ontmoette hij in een drinklokaal in de Nyhavn een oudere zeeman uit Rostock. Later begreep ik dat deze zeeman zijn studievriend Vos was. Raaf vroeg aan mij om de aandacht in lokaal af te leiden bij zijn binnenkomst.

Nyhavn_copenhagen1[3]

Dit was het begin van mijn kleine bijdragen aan het werk van Raaf op het gebied van trouw en verraad dat duurde tot aan zijn dood vijf jaren later. Na zijn dood heeft een verre neef die hem heeft opgevolgd in het werk voor een geheime dienst, mij om informatie gevraagd; binnen dit onderzoek ben ik nog betrokken geweest bij een ontmoeting met Vos.

Voor Raaf heb ik ontmoetingsplaatsen en slaapplaatsen gezocht die soms om onduidelijke redenen werden veranderd. Ik heb de aandacht afgeleid wanneer Raaf onopvallend iemand wilde ontmoeten, want met mijn zwart/blauwe huidskleur en mijn uitbundige uitstraling kon ik overal opvallen. En ik heb als baken gediend om te kijken of een locatie werd geobserveerd door tegenstanders.

Smiley[4]

Was Raaf ook trouw aan mij? Het antwoord is: voor zover dat kon binnen zijn werkzaamheden. Terugkijkend zou ik de vriendschap en relatie met Raaf nooit hebben willen missen en ik heb geen spijt gehad van mijn klein aandeel in het werk van Raaf.


[1] Bron afbeelding: http://otravida.wordpress.com/2010/03/26/march-26th-rush-hour-by-george-segal/ ; een foto van het beelden “Rush Hour” die zijn gemaakt door George Segal. Zie ook: Histoire de la Vie privée. Tome 5: De la première Guerre mondiale à nos jours. Red. Ariès, Philippe et al., p. 8

[2] Tanks bij Checkpoint Charlie op 27 oktober 1961 tijdens de Berlijn crisis. Bron afbeelding: http://en.wikipedia.org/wiki/Cold_War

Advertenties

Narrator – Kopenhagen en Amsterdam – een weerzien


Met al mijn bezittingen in de kofferruimte van de Citroën DS, ben ik op een vroege lente ochtend uit Stockholm weggegaan. Gedurende de Noordelijke cyclus van ruim een jaar vervloog mijn reïncarnatie waarin ik eerder in Amsterdam de verschijningsvorm van een idool had aangenomen. In de nabijheid van mijn geliefde was ik weer in de wereld van de gewone stervelingen teruggekeerd.

Net voor het vertrek naar zijn nieuwe woonplaats in een klooster in Amerika was mijn geliefde bezig met het Boeddhistisch vraagstuk: “Een winst, een verlies” [1]. Nu hij ruim twee maanden geleden was vertrokken, voelde mijn leven als een winst en een verlies – een leegte en een nieuwe bestemming. In de toelichting bij dit Boeddhistisch vraagstuk stond: “Als u ellende wilt voorkomen, vertrouw op uw eigen lot” en “Verlies en winst, goed en kwaad, laat ze allemaal tegelijk los” [2]. Beide zinnen waren van toepassing op mijn nieuwe reïncarnatie als gewone sterveling. Pas veel later tijdens de zoektocht naar “Wie ben jij” zou ik meer inzicht krijgen in de eerste zin. De vrede van de tweede zin hoopte ik te vinden bij mijn uiteindelijke thuiskeer.

Via een weg langs het vele water van enkele binnenmeren – waaraan in ik Holland gewend was geraakt – reed ik in mijn witte Citroën DS van Stockholm naar Malmö. Daar nam ik de veerboot naar Kopenhagen. Eerst bezocht ik mijn vrienden waar ik enkele nachten kon logeren. Met hun hulp kon ik snel aan een kamer komen op de zolderverdieping van een karakteristiek huis in de Klosterstræde in het centrum van Kopenhagen vlak bij de universiteit en verschillende bibliotheken. Eerst zag ik deze kamer als een tijdelijk verblijf voor enkele maanden; uiteindelijk heb ik er enkele jaren gewoond. Ik voelde mij hier meteen op mijn gemak. Vanuit mijn raam had ik ’s nachts zicht op de maan en de sterrenhemel. Overdag herinnerde de naam van de straat mij aan mijn geliefde die nu in een echt klooster woonde. Zijn boek met Boeddhistische vraagstukken [3] had ik als afscheidsgeschenk gekregen. Geregeld las ik een passage uit het boek waarna het vraagstuk – voor zover ik het kon thuisbrengen – een plaats in mijn leven vond. Zo bleven mijn geliefde en ik met elkaar in verbinding staan.

KLOSTE~1[4]

Mijn jaren in Kopenhagen leefde ik van het legaat dat mijn geliefde voor mij had achtergelaten aangevuld met inkomsten uit optredens in Jazz ensembles. Ik bezocht bijna dagelijks de fleurig geschilderde huizen langs de Nyhavn, die mij herinnerde aan de bollenvelden en de grachten in Holland.

Nyhavn_copenhagen[5]

Het eerste najaar in Kopenhagen ontving ik een droef bericht uit Amsterdam; een van mijn dierbare minnaars was overleden aan de mysterieuze ziekte die in die tijd rond 1983 de naam HIV en AIDS [6] had gekregen. Na het lezen van de rouwkaart ben ik in een dag naar Amsterdam gereden. Bij aankomst hoorde ik dat veel meer van mijn vroegere minnaars deze ziekte hadden, die wordt veroorzaakt door overdacht van een virus – dat het menselijk immuun stelsel aantast – tijdens het liefdesspel [7].

Human_Immunodeficency_Virus_-_stylized_rendering[8]

In deze droeve omgeving werd ik door mijn vroegere vrienden en kennissenkring begroet als een oude bekende en zij zagen mij als een hervonden idool. Ik had mijn masker van idool tijdens mijn verblijf in Zweden afgelegd en het vroegere zorgeloos feest van eeuwigdurende liefde die toen in mijn omgeving exotisch door Amsterdam geurde, was voorgoed voorbij.

De begrafenis van mijn overleden minnaar was indrukwekkend. Een van onze dierbaren was te ziek om aanwezig te zijn. Met enkele vroegere vrienden hebben wij hem tot het laatst verzorgd; ook zijn begrafenis was aangrijpend. Beide keren waren alle naasten, vrienden en kennissen aanwezig. Voor een aantal minnaars was het een sombere voorbode voor hun toekomst.

Na deze tweede uitvaart ben ik naar Kopenhagen gevlucht. Het was opnieuw een ontsnapping uit mijn vroegere verblijf in Amsterdam waar ik niet meer thuishoorde en het was tegelijkertijd een vlucht voor deze ziekte die mij door een wonderlijke lot [9] bespaard is gebleven. Later is tijdens medisch onderzoek gebleken dat ik tot een kleine groep behoor, die resistent is tegen de infectie van HIV.

Terug in Kopenhagen werd ik weer een gewone sterveling, die alleen opviel door een zwarte/blauwe huidskleur en ritmische spel op percussie tijdens Jazz muziek.


[1] De Zen Koan: “Fayan points to the blinds”

[2] Zie: Cleary, Thomas, Book of Serenity – One Hundred Zen Dialogues. Bosten: Shambhala, 1998 p. 118

[3] Cleary, Thomas, Book of Serenity – One Hundred Zen Dialogues. Bosten: Shambhala, 1998

[8] Dwarsdoorsnede van het Humaan Immunodeficientie Virus (hiv). Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Aids