Tagarchief: overleven

Narrator – Te voet door Frankrijk


Nadat ik via de Mont Blanc tunnel in Frankrijk aankwam, vervolgde ik mijn reis met de trein naar “Annemasse” net voor de Zwitserse grens bij Geneve. Zelfs midzomer was het Midden/Hoog gebergte ten noorden van Chamonix niet mijn wereld. Later ben ik in de besneeuwde wereld aan het begin van de winter in een droom bijna naar een andere wereld weggegleden. In de ijskoude verstilling voelde ik mij helemaal thuis in de betoverende witte droomwereld. Carla Drift heeft mij vanuit deze verijsde wereld weer tot leven laten komen.

[1]

Mijn beperkte reispapieren waren niet goed genoeg om twee keer de Zwitsers/Franse grens te passeren. Vanaf “Annemasse” liep ik langs de Zwitserse grens naar “Les Rousses” om vandaar via de GR 5 naar het Noorden te gaan. Gelukkig was vanaf “Les Rousses” de wandelweg naar het Noorden wel begaanbaar.

[2]

Na de treinreis was mijn geld op. Ik moest op de een of andere manier aan eten komen. Ik had ik niet voldoende tijd om onderweg voor mijn voedsel te werken, omdat ik voor de herfst in Amsterdam wilde aankomen.

Op 2 oktober 1996 zei een vroegere bisschop van Breda – Bisschop Martinus Muskens – in een VPRO-televisieprogramma dat het stelen van brood en eten geoorloofd is, als mensen honger hebben en geen andere mogelijkheid zien om te overleven [3]. Hiermee verwoordde hij de moraalleer van de Katholieke kerk waarin het leven belangrijker wordt gevonden dan het aardse bezit. Al in de Middeleeuwen werd het “voedsel dilemma” opgelost doordat een monnik in extreme noodzaak zijn abt niet hoefde te gehoorzamen door voedsel volgens opdracht te bezorgen, maar hij behoorde onderweg eten te verschaffen aan een mens met ernstige honger [4].

[5]

Gelukkig heb ik onderweg nooit ernstig honger hoeven lijden. Heel af en toe heb ik gezondigd door een of twee stukken fruit zonder toestemming van de eigenaar van een fruitboom te plukken. Ook heb ik af en toe een vis gevangen of een kleine dier gejaagd – een nobele daad voor de adel en ordinair stropen voor de gewone mens – om op een klein vuurtje te bereiden. Met mijn achtergrond uit een Masaï nomadenstam die geen landsgrenzen kent en waar al het land voor iedereen is, heb ik dit gebruik van de omgeving nooit als diefstal kunnen zien; uiteindelijk komen het fruit, de vis en de kleine dieren altijd voort uit de leefwereld van iedereen. Later in mijn leven ben ik het ethisch [6] uitgangspunt gaan gebruiken, dat iedere verschijningsvorm in principe even veel recht van bestaan heeft. Maar als een keuze tussen twee verschijningsvormen onvermijdelijk is, dan verdient een complexere verschijningsvorm – in dit geval een wezen dat een hogere plaats in de hiërarchie heeft – de voorkeur [7].

Meestal heb ik op mijn reis naar Amsterdam in ruil voor voedsel of een maaltijd toepasselijke verhalen van mijn voorvaderen verteld. Hiermee ben ik in de voetsporen van mijn vader getreden.

In de Europese landen met materiële rijkdom en geestelijke armoede bestaat er een grote nood aan verhalen die duiding geven. Politici, managers, bankiers, dienstverleners in de geestelijke gezondheidszorg, bekende filmacteurs verkrijgen met hun duiding een uitstekend belegde boterham. In veel culturen worden deze ruilprocessen als windhandel gezien.

Met de verhalen van mijn voorouders kon ik mijn maag ruim voldoende vullen; ik had nooit honger op mijn weg naar Amsterdam. Door het ruilen van verhalen tegen voedsel leefde ik eigenlijk van de wind  – in Sanskriet वात of vāta – mijn vader was mijn voortdurende metgezel en leidsman.

Een dak boven mijn hoofd was in de zomer niet nodig; ik sliep in de open lucht onder de sterrenhemel. Bij slecht weer was een extra set kleren en wat plastic voldoende.

Zo begon het eerste deel van mijn wandeltocht langs de GR 5 in Frankrijk.


[4] Bron: Dougherty, M.V. Moral Dilemmas in Medieval Thought – From Gratian to Aquinas. Cambridge: Cambridge University Press, 2011, p. 77

[6] “De onderliggende betekenis van het Griekse woord “ethos” was “persoonlijke rangschikking”. Het woord komt van het Indo-Europese woord “swedh-”” waarin de woorden “sva” of “zelf, Ego en menselijke ziel” en “dha” of “plaatsen, schenken” in het Sanskriet in te herkennen zijn.

Bronnen: Ayto, John, Word Origins, The hidden History of English Words from A to Z. London: A &C Black, 2008 p. 199 en Bron: elektronische versie van het woordenboek Monier-Williams – MWDDS V1.5 Beta.

[7] Zie ook: Origo, Jan van, Wie ben jij – een verkenning van ons bestaan – 1. Amsterdam: Omnia – Amsterdam Uitgeverij, 2012 p. 81 – 82

Carla Drift – Cultuur


Midden Afrika verliet ik via een vertrouwde luchthaven – waar ik een ticket kocht op mijn tijdelijke paspoort. Ik nam een lijnvlucht naar Noord Afrika. In Noord Afrika reisde ik over land naar Alexandrië. Hier haalde ik mijn andere paspoort op bij vrienden. Bij hen bleef ik een week; wij praten bij over de ontwikkelingen in ons leven.

Alexandrië buitenwijk[1]

In de Alexandrijnse bibliotheek verrichte ik een klein deel van mijn bronnenonderzoek voor de rapportage van deze studiereis naar de oorzaken en gevolgen van volkerenmoord  in Midden Afrika. Het was voor mij een eer om in de Alexandrijnse bibliotheek onderzoek te verrichten. De voorganger van deze moderne bibliotheek is in de klassieke oudheid door enkele branden verwoest. Hierbij zijn heel veel klassieke werken uit de Griekse en Romeinse oudheid voor altijd verloren gegaan. Mijn bronnenonderzoek had onder meer als doel om de verloren levens door genocide in Midden Afrika een plaats in de geschiedenis te kunnen geven.

Alexandrijnse bibliotheek[2]

Met een veerboot voer ik naar Zuid Europa. Een treinreis van meer dan een dag bracht mij weer in Nederland. Hier kon ik rustig mijn verslag schrijven tijdens het mijn herstel van een tropische ziekte.

Door mijn verstoppertje spelen tijdens mijn verblijf in Midden Afrika en door mijn omzichtige terugreis naar Europa, kon mijn onderzoek niet eenvoudig naar mij te herleid worden. Ik ben nog steeds blij dat ik deze voorzorgsmaatregelen heb genomen, want met handlangers van dictators, met wapenhandelaren en geheime diensten van allerlei landen kan men niet voorzichtig genoeg zijn.

Tijdens deze lange terugreis heb ik de vele indrukken die ik in Midden Afrika heb opgedaan, op hoofdlijnen geordend. Uiteraard heb ik al eerder mijn onderzoeksgegevens gesorteerd en doorgenomen, maar in het vliegtuig, op de boot en in de trein hebben de hoofdlijnen  voor de verslaglegging van de studiereis vaste vormen aangenomen.

Ik besloot de verslaglegging van de gebeurtenissen te splitsen in vier onderdelen. Het eerste deel richtte zich op cultuur of de gedragingen van groepen die direct – als daders of slachtoffers – betrokken waren bij de volkerenmoord. Het tweede deel had betrekking op de invloed van individuele gedrag van daders, leiders en opinievormers op volkerenmoord. Het derde deel beschreef de invloeden op de excessen van organisaties, instanties en landen buiten Midden Afrika. Dit derde deel is vertrouwelijk: hierin staan mijn bevindingen over de invloed van wapenleveranties door handelaren en landen met hun politieke belangen in Midden Afrika, over geheime diensten met hun soms duistere aangelegenheden en het onvermogen/nalatigheid van internationale instanties. Het laatste deel bevatte mijn verslag over de eventuele juridische aansprakelijkheid van de afzonderlijke partijen voor hun aandeel in de volkerenmoord. Bij strafrechtelijk onderzoek naar de volkerenmoord zijn op basis van mijn verslag opgravingen verricht en er heeft nader onderzoek plaats gevonden.

Vredespaleis in Den Haag[3]

Voorafgaand aan deze studiereis in Midden Afrika had ik culturen beschouwd als manieren waarop groepen mensen – en waarbinnen individuen – met elkaar samenleven en met elkaar omgingen. Een cultuur was een “Modus Vivendi” van een samenhangende groep mensen. Uiteraard veranderde een cultuur in de loop van de tijd, bijvoorbeeld door gewijzigde omstandigheden of door migratie van buitenstaanders. Maar ik had cultuur niet in verband bracht met een levende organisatie die net als ieder levend wezen was verwikkeld in een “Survival of the Fittest”, zoals door Darwin beschreven in “The Origin of Species”.

Darwin Origin of Species[4]

In de onbekende omgeving van Midden Afrika en op basis van de gesprekken met inwoners, ben ik steeds duidelijker gaan zien dat een cultuur ook vergeleken kan worden met een wezen dat bezig is met overleven. Bij het uit rijpen van dit denkbeeld, zag ik de parallellen in de geschiedenis van de Westerse wereld.

In het eerste deel van mijn verslag beschreef ik dat cultuur endemisch aanwezig is in een individu, binnen een familie, een dorpsgemeenschap, een stam/groep/volk wonend in een samenhangend gebied. De naties als rechtspersonen stonden in Midden-Afrika nog in de kinderschoenen: hierdoor was de nationale cultuur zwak ontwikkeld. Culturen zijn enerzijds een wijze van samenleven – een “Modus Vivendi” –, die voor stabiliteit en vertrouwen zorgt. Aan de andere kant zijn culturen bezig met overleven en met het dwingend tot een bepaald gedrag aan te zetten van binnenstaanders;  buitenstaanders worden overtuigd van het gelijk van de levenswijze en – tijdelijk of permanent – opgenomen in de cultuur òf zij worden buitengesloten.

Culturen zijn niet statisch, zij veranderen in de loop der tijd zoals ook een taal wijzigt met de verandering van haar sprekers. Een bekende en vertrouwde moedertaal van ongeveer honderd jaar geleden klinkt ons vertrouwd/vreemd in de oren net zoals de levenswijzen van mensen van honderd jaar geleden ons vertrouwd/vreemd overkomen. Veel van deze veranderingen gaan geleidelijk door assimilatie of door organische groei.

Een cultuur is niet homogeen en uniform. Binnen een enigszins omvangrijke cultuur is bijna altijd een gelaagdheid of stratificatie aanwezig. Een cultuur kent ook interne spanningen tussen onderlinge subculturen.

Soms, door grote veranderingen – bijvoorbeeld door een bevolkingsexplosie of door een ontwikkelingssprong – of door zeer kleine toevalligheden bij potentiële omslagpunten –  bifurcatiepunten binnen de chaostheorie – kunnen omslagen binnen een cultuur ook onverwachts snel plaats vinden [5]. Deze snelle groeistuipen kunnen in bijzondere gevallen resulteren in stigmatisering, uitsluiting of vernietiging van andersdenkenden binnen de eigen cultuur.

De ontlading van de spanningen kan geschieden door excessen tegen andere (sub-)culturen. Culturen leven onderling meestal als goede buren redelijk vreedzaam naast elkaar. Af en toe zijn er verschillen van inzicht die leefbaar/draaglijk worden gemaakt door diplomatie, feesten, woorden, rechtspraak en verdragen. Soms komen de spanningen tussen culturen tot uitbarsting. De oorzaak kan zijn: een sterke verandering in onderlinge verhoudingen, een sluimerend onrecht uit het verleden dat manifest wordt of een plotseling incident dat uitgroeit tot een conflict. Deze uitbarstingen kunnen gewelddadig verlopen. Een voorbeeld uit de geschiedenis met verkeerde afloop is de Pax Romana rond 400 n. Chr. in het gebied van de Donau. De Romeinen voerden een verdeel en heers politiek waarbij de gunsten tussen de vreemde grensculturen ongelijk was verdeeld opdat de onderlinge afgunst groter was dan de spanning met de Romeinse imperator. Eens per generatie werd een cultuur door de Romeinen samen met enkele bondgenoten gewelddadig van haar rijkdommen ontdaan opdat het weer een periode van een generatie kostte voordat de cultuur deze slag te boven was gekomen.

Rond 400 n. Chr. zochten de Visigoten bij de Donau aan de grens van het Romeinse rijk bescherming tegen de oprukkende Hunnen. De Visigoten mochten van de Romeinen de Donau niet oversteken terwijl een andere stam deze extra bescherming wel werd gegund. De Visigoten grepen dit onrecht aan om de verzwakte Romeinse Imperator direct aan te vallen [6]. Door de verzwakte positie – door onder meer interne verdeeldheid – van de Romeinen waren de Visigoten in staat om vele jaren door Italië te zwerven en zelfs naar de poorten van Rome op te rukken. Paus Innocent I wist door onderhandelen en overdracht van een groot losgeld in 408 n. Chr. een inval in Rome te voorkomen [7] . Rond 416 n. Chr. vestigden de Visigoten zich in het toenmalige Gallië.

Visigoten kerk in Gaul[8]

In Midden Afrika waren de onderlinge spanningen binnen en tussen culturen opgelopen door interne spanningen, wijzigingen in de verhoudingen tussen culturen, wegvallen van de invloed van  kolonisatoren, kunstmatige grenzen, bevolkingsgroei en afname en regelmatige terugkerende droogte. De nieuwe internationale orde bezat niet de macht om doeltreffend in te grijpen.

Dit mengsel van spanningen was op zich genoeg voor het ontstaan van excessen. Een verkeerd gelopen voetbalwedstrijd of een ongelukkige verkiezingsuitslag waren voldoende voor een geweldsuitbarsting. Maar externe invloeden versterkte de spanningen en zorgden voor een katalysator voor excessen.

[1] Bron afbeelding: http://en.wikipedia.org/wiki/Alexandria
[2] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Bibliotheek_van_Alexandri%C3%AB
[3] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Vredespaleis
[4] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Charles_Darwin
[5] Zie ook: Ginneken, Jaap van, Brein-bevingen – Snelle omslagen in opinie en communicatie.
[6] Bron: Zie ook: Heather, Peter, Empires and Barbarians – Migration ,Development and the Birth of Europe. London: Panbooks, 2010, p. 197
[7] Bron: Norwich, John Julius, The Popes, A History, London: Chatto & Windos, 2011 p. 19
[8] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Visigoten