Tagarchief: passeren

Inleiding: Twee – Jij en ik gescheiden; een verteller gaat verder


Wij hebben de scheiding van aarde en lucht doorstaan en daarna hebben onnoemelijk veel splitsingen als craquelé plaats gevonden. Ik kijk opzij om jou te zien. Ik ben benieuwd hoe jij deze gebeurtenissen hebt doorleefd. Maar waar ik ook kijk, ik zie jou niet. Ik roep: geen antwoord. Zijn jij en ik ook van elkaar gescheiden tijdens een van de vele splitsingen?

[1]

Voor het eerst tijdens onze Odyssee zijn wij niet samen. Vreemd. Maar de splitsingen zijn nog niet gestopt: ook ik val uit elkaar. Mijn bewustzijn vermindert, mijn ogen worden troebel en de geluiden verdwijnen. Alles vervaagt en verdwijnt.

[2]

Uw verteller gaat verder: “Op hun zoektocht naar “Wie ben jij” zijn – na de scheuring van lucht en aarde – de beide hoofdpersonen in de loop van de ontelbare scheidingen vervlogen. Zij kunnen tijdelijk geen verslag doen van hun ervaringen. Uw verteller gaat verder met het verslag van de Odyssee. Mijn naam – Narrator – heb ik in een ver verleden gekregen. Mijn naam is ontstaan uit het woord “narâ” [3] dat mensen betekent, en “tr” [4] dat “oversteken of passeren” betekent. Als verteller zal ik U verhalen van de voorvallen totdat de beide hoofdpersonen weer in staat zijn hun verhaal te vertellen”.

“Na de oer scheuring en de oneindig vele splitsingen is alles uiteengevallen in oneindig veel deeltjes. Uiteraard is er nog wel enige ordening tussen al deze deeltjes – of in ieder geval een begin van ordening. Maar de onderlinge verbanden gaan ons bevattingsvermogen te boven. En als wij het al kunnen bevatten, dan kunnen wij het niet onder woorden brengen. Volgens ons tijdsbesef in de Westerse samenleving duurt het na de oer scheiding nog een aantal miljarden jaren voordat wij weer over een begin van leven kunnen verhalen. Of was deze tijd veel korter? Enkele duizenden jaren zoals in de Bijbel staat of in een knippering met de ogen? Uw verteller weet het niet. Narrator is in zijn hedendaagse verschijningsvorm niet aanwezig geweest bij het begin van het heelal en ook niet bij het begin van de Bijbel. Wel is uw verteller steeds opnieuw verwonderd dat na het knipperen met de ogen de wereld nog steeds bestaat. De beide hoofdpersonen vertellen in een van de volgende aanlegplaatsen hun ervaringen met de beleving van de tijd.”

“Na het volkomen uiteen vallen van “Een” in oneindig veel stukjes, is er weer een ordening ontstaan. Men [5] is nog steeds op zoek hoe dat is gebeurd en hoe lang het ontstaan van de afzonderlijke verbindingen heeft geduurd. Het verhalen van de ontdekkingstocht naar het ontstaan van ordening kan de rest van mijn leven vullen. Uw verteller zal – zoals mijn naam aangeeft –  u overzetten naar het moment dat “Jij en ik” weer verschijnen wanneer de omstandigheden het menselijk leven weer toelaten.”

“In het volgende bericht verhaalt uw verteller over de uitkomsten van de eerste ordeningen”


[3] In het Sanskriet is het woord samengesteld uit “na” dat hier “niet” betekent, en de werkwoord-wortel “ra” die “verheugen” betekent; het betekent gewone man of vrouw. In negatieve connotatie gebruiken wij het woord nog steeds voor “nar”. In mijn naam is de meervoudsvorm gebruikt: “narâ”.

[4] In het Sanskriet betekent “tṛ” volgens Egenes, Thomas, Introduction to Sanskrit – Part two. 2005 p. 387 “to cross over”.

[5] “Man” betekent in het Sanskriet “denken, bewustzijn”. Mensen proberen zich weer bewustzijn te worden van ons verleden en de vroegere ervaringen weer manifest te maken. IJdelheid der ijdelheden? Uw verteller weet het niet.