Tagarchief: sterrenhemel

Slotwoord bij biografie van Narrator


Narrator heeft mij het verhaal van zijn leven in verschillende delen verteld. In zijn vertellingen worden feiten, fictie en factie met elkaar verweven, zoals in het leven van alledag de scheiding van de lucht en aarde kunstmatig is [1].

Tijdens de vertelling van het voorspel tot zijn bestaan werd mij duidelijk dat de verhalen van Narrator zijn gericht op een universele waarheid, die vooraf en voorbij gaat aan ons leven. Deze waarheid berust op een ritme waaruit wij voortkomen. Dit ritme rolt door zijn leven in verschillende in elkaar geweven cycli.

De eerste cyclus in zijn levensverhaal bestaat uit de vier incarnaties die door Narrator worden benoemd als duiding voor zijn leven. Deze vier incarnaties in het leven van Narrator herinneren mij aan de vierjaargetijden [2]. De tweede cyclus in Narrator’s leven is het ritme van ijdelheid, handeling en gevolgen [3]. De derde cyclus is de Noordelijke cyclus waarin Narrator drijfveer en leidsman is voor de verlichting en thuiskeer van zijn Amerikaanse geliefde. De vierde cyclus is het ritme van vertrouwen en verraad in Narrator’s leven met Raaf en Vos in de spiegelwereld bewoond door de geheime diensten van vele landen [4]. En altijd is in het leven van Narrator de cyclus van de maan en de sterrenhemel als steevast gezel aanwezig. De zoektocht naar de overige cycli in de levensbeschrijving van Narrator laat ik aan de lezer over.

Het is mij een eer en een vreugde om met Narrator en Carla Drift de zoektocht naar “Wie ben jij” te mogen verrichten. Op deze Odyssee is Narrator mijn baken en leidsman, bijvoorbeeld bij mijn studie Sanskriet – de taal van de goden in de wereld van de mensen –, bij het bestuderen van Boeddhistische teksten en bij het lezen van het werk van Rumi.

[1] Zie ook: Quammen, David, Spillover: Animal Infections and the Next Human Pandemic. New York: W. W. Norton & Company, 2012 p. 219 – 234. In dit populair wetenschappelijk boek wordt een studie gemaakt over de interactie en het levensspel – met soms vergaande gevolgen – tussen hogere en lagere organismen. Bij deze interactie en levensspel is de scheiding tussen aarde en lucht kunstmatig; bijvoorbeeld bij de beschrijving van Q-koorts meegenomen door de wind in Noord Brabant.

spillover[2] Zie ook: De film “Spring, Summer, Fall, Winter … and Spring” onder regie van: Kim Ki-Duk. Deze film geeft mogelijk een duiding aan de misdrijven van Narrator als kindsoldaat in Afrika. De jongeling in de film begaat in zijn naïviteit als kleuter en in zijn levensdrang als adolescent verscheidene misdrijven waar hij de rest van zijn leven de gevolgen van mag dragen.

Spring[3] Zie ook: de film “Waarom vertrok Bodhi-Dharma naar het Oosten?” van: Bae Yong-Kyun. Deze film verschaft misschien inzicht in dit ritme doordat een jongen in een ijdele drang een vogel van een vogelpaar dodelijk verwondt. Tevergeefs probeert de jongen de vogel in leven te houden. De nog levende vogel van het paar blijft hem achtervolgen en geeft hem een eerste inzicht in de vluchtigheid van leven en dood, verbondenheid, passies, de zonde en angst.

Bodhi-Dharma[4] Zie ook: Le Carré, John,  The Quest for Karla. New York: Knopf, 1982 en zie ook: Deighton, Len, De Bernie Samson serie. verschenen tussen 1983 en 1996.

Het manuscript voor de biografie van Narrator is te downloaden via de website van Omnia – Amsterdam Uitgeverij:

http://www.omnia-amsterdam.nl/site-page/manuscripten

Advertenties

Narrator – sneeuwgezicht


Een droom neemt mij iedere nacht mee. Deze ijskoude heldere nacht aan het begin van december voerde een droom mij naar een andere wereld. Ik lag bij nieuwe maan onder de sterrenhemel volkomen stil in mijn slaapzak om geen warmte te verliezen. Af en toe voelde ik mijn handen en voeten even tintelen en dan werden ze weer koud. Mijn adem – een voorlopig thuis voor de dorpelingen uitgemoord door mijn mede-militieleden en mij bij het nachtelijk vuur in het bos – waakte over mij.

Het werd steeds kouder; mijn lichaam ontspande zich [1] en mijn ogen knipperden niet meer. De duisternis en het firmament zogen mij in zich op. Ik zweefde met de sterrenstelsels in het universum. Geen aarde, geen zorgen, geen geluid, volkomen opgegaan in de oneindigheid.

Sterrennacht[2]

Van de rand van het heelal hoorde ik voetstappen naderen. In mijn ooghoeken zag ik een schim verschijnen. De schim werd groter en ik hoorde een andere adem naast mijn adem. Na een eeuwigheid boog het donkere gezicht van mijn moeder zich over mij heen. Haar krullend haar was grijs geworden. Mijn moeder was gekomen om mij mee naar huis te nemen. In haar vredig gezicht zag ik dat ik nooit weg was geweest; bij haar kwamen hemel en aarde samen.

In deze vredige toestand hoorde ik een stem. Mijn moeder vervaagde en ik kon niet goed meer zien. Iemand probeerde mij te wekken. Heel langzaam kwam mijn adem terug in de wereld van alledag: het firmament en de aarde werden bij het openen van mijn slaapzak weer gescheiden. Ik was steenkoud en maar net bij bewustzijn.

Sterrenstelsels[3]

De stem nam mij mee en na een eeuwig lijkende worsteling met mijn verstilde lichaam gingen wij een verlichte warme ruimte binnen. De stem kleedde mij uit en kwam onder een dekbed tegen mij aanliggen. Langzaam kon ik weer zien. Ik zag een vrouwengezicht met krullend grijs haar. Zij rilde heel erg van de kou. Na een heel lange tijd werd ik wat warmer; pas halverwege de volgende dag begonnen mijn vingers en voeten weer te tintelen. Ik lag in een caravan bed.

Tegen de avond kon ik voorzichtig wat eten en drinken. Zij vroeg mij verontwaardigd waarom ik in een dunne slaapzak buiten bij deze strenge vorst in de open lucht waakte. Mijn antwoord volgde enkele dagen later. Op mijn vraag hoe zij mij gevonden had, gaf zij als antwoord dat tijdens een korte avondwandeling er naast het pad af en toe damp uit de grond leek te komen; deze damp werd door mijn uitademing veroorzaakt. Mijn adem had over mij gewaakt.

Een dag later zijn wij samen naar een wintercamping gegaan om mij te laten herstellen. De eigenaar van de camping was niet blij met mijn verschijning, maar mijn beschermengel zorgde dat wij een plaats voor enkele nachten kregen. De eerste dagen bemoederde zij mij. Zij knipte mijn haar, zij scheerde mijn baard en waste mij kleren: ik was toonbaar voor de wereld.

Wintercamping[4]

In de beslotenheid van de caravan op de wintercamping vertelden wij elkaar de hoofdlijnen van onze levensverhalen. Haar naam was Carla Drift en zij trok door Europa met een tractor–caravan combinatie. Haar leven was sinds de herfst even kaal geworden als de bomen in de winter. Aan het einde van de vorige zomer had een man het op haar eer en leven voorzien. Uit zelfverdediging doodde zij de belager. Hiermee verloor zij haar onschuld: een deel van haar was gestorven.

Ik vertelde haar over mijn leven als kindsoldaat in een vorige incarnatie. Aan het einde van een nacht hadden wij het bos rondom een dorp in brand gestoken. Onze militie schoot op alles en iedereen die uit het bos kwam. De geesten van deze dorpelingen droeg ik altijd met mij mee; hun adem was mijn adem geworden en zij hadden in de heldere ijskoude nacht over mij gewaakt. Uit nagedachtenis aan mijn moeder was ik op weg “εἰς τὴν Πόλιν”.

Wij besloten samen verder te trekken naar Istanbul. Het rijden op de tractor wisselden wij af; ik was af en toe weer een wagenmenner in een wit winterlandschap. De tocht van ruim 2000 kilometer legden wij met enkele rustpozen in drie maanden af. Het einde van de winter en het begin van het voorjaar bleven wij in deze stad. Bij de bezoeken aan de vele godshuizen in deze stad – waaronder de Hagia Sophia, bewonderden wij deze gebouwen met koepels als zinnebeeld voor de binding tussen aarde en firmament.

Hagia Sophia[5]


[1] Zie ook voor onderkoeling: Stark, Peter, De laatste adem, Spectaculaire verhalen van de grens van het bestaan. Amsterdam: Forum, 2002 p. 21 – 31

[2] Op deze foto is ieder lichtvlekje een sterrenstelsel. Sommige van deze stelsels zijn 13,2 miljard jaren oud – volgens schatting bevat het universum 200 miljard sterrenstelsels. Bron afbeelding: http://en.wikipedia.org/wiki/Universe

[3] Bron afbeelding: http://www.nasa.gov/multimedia/imagegallery/iotd.html# – Hubble Watches Star Clusters on a Collision Course

[4] Bron afbeelding:  http://en.wikipedia.org/wiki/Camping

Narrator – Een nieuw jaar


Rond Pasen was de winter van dat jaar voorbij. De voorjaarszon kwam tevoorschijn en de natuur bloeide op. Ik kocht naast mijn stadsfiets nog een toerfiets waarmee ik eerst enkele fietstochten maakte op de beide eilanden Sjælland en Amager waarop de stad Kopenhagen ligt. In een paar maanden leerde ik niet alleen goed fietsen, maar ik kreeg plezier in deze vorm van zweven in weer en wind over de wegen.

Reiserad-beladen[1]

Aan het einde van het voorjaar ontving ik opnieuw verontrustende brieven van vroegere minnaars in Amsterdam; ook zij waren ernstig ziek door AIDS. Ik besloot met mijn toerfiets in ruim een week naar Amsterdam te reizen. Na een kleine week voorbereiding vertrok ik met een volgepakte fiets voor enkele maanden naar Amsterdam. Mijn zolderkamer had ik tijdelijk onderverhuurd aan een vriend.

Uiteindelijk deed ik twee weken over de reis, want ik had bijna altijd tegenwind. Op de lange rechte stukken ging in mijn beleving het malen van de pedalen over in het ronddraaien van de gebedsmolens, soms moeizaam, soms als vanzelf.

Gebedsmolens[2]

Onderweg naar Amsterdam speelde het Boeddhistisch vraagstuk van de “ijzeren Os” [3] door mijn hoofd. Vroeger zullen enkele van mijn voorouders te paard gereisd hebben. In Afrika had ik wel mensen op een os zien reizen. Nu was ik in plaats van ruiter te paard een berijder van een ijzeren ros.

Man op os[4]

Ik miste mijn geliefde die toen al in Amerika woonde, voor aanspraak bij dit vraagstuk. Mijn aanwijzing tijdens het fietsen was het vers bij het vraagstuk:

“Het werk van een ijzeren os –

Wanneer de zegel (van verlichting [5] en van idool) aanwezig blijft, dan is de impressie geruïneerd”. [6]

Fietsend door Noord Duitsland en Nederland kreeg mijn fiets steeds meer de vorm van de “ijzeren os” in het boeddhistisch vraagstuk. Soms lekker glijdend bij windstilte, soms zwoegend bij tegenwind deed mijn ijzeren ros zijn werk; gestaag gleden wij samen met de weg en de omgeving door het heelal.

Onderweg kon ik meestal bij mensen overnachten in ruil voor enkele verhalen of voor enige hulp op een boerderij. Overdag probeerde ik bij rustplaatsen wat geld te verdienen met goochelen, want tijdens mijn fietsreis had ik geen inkomsten uit percussiespel met jazz ensembles. Na enige oefening kon ik met twee goochelvoorstellen met touw – die ik had geleerd van een vriend in Kopenhagen – bij iedere stopplaats een nationale munt verdienen; in Duitsland een D-mark en in Nederland een gulden. Bij een voorstelling liet ik een touw door mijn hals gaan. Een demonstratie van deze voorstelling is te zien op de volgende video:

http://www.youtube.com/watch?NR=1&feature=endscreen&v=aSMZJ0w3DyM

Tijdens een andere presentatie ging het touw onverwachts door een ring. Een voorbeeld van deze voorstelling wordt getoond op de volgende video:

http://www.youtube.com/watch?v=2xx7UjeZYn4

Wanneer ik beide voorstellingen iedere dag op vijf verschillende rustplaatsen opvoerde, dan verdiende ik genoeg geld voor goede dagelijkse maaltijden voor mij en voor een andere reiziger met wie ik de maaltijd deelde.

Die zomer en herfst in Amsterdam leefde ik met en zorgde ik voor oude bekenden en vroegere minnaars met AIDS. Daarnaast genoot ik van de Hollandse stranden en van de mooie wolken in Nederland.

Aan het einde van de herfst reed ik met een storm in de rug naar Kopenhagen. De winter bracht ik door in mijn zolderkamer met de lange nachten waarin de maan, de sterrenhemel en de geesten mij gezelschap hielden. Dit ritme van zomers naar het zuiden en de winters in Kopenhagen heb ik enkele jaren gevolgd; op latere leeftijd ben ik in het zuiden gaan overwinteren om de zomer in het noorden door te brengen.

Waren deze overwinteringen op mijn zolderkamer een boetedoening voor de misdrijven als kind soldaat bij een militie? Misschien, een jaar later ontmoette ik een man die voortdurend moest boeten voor zijn daden.


[1] Bron afbeelding: http://da.wikipedia.org/wiki/Cykeltyper . De foto is gemaakt in 2005 en toont een fietstype van een latere datum.

[3] Zie: Cleary, Thomas, Book of Serenity – One Hundred Zen Dialogues. Bosten: Shambhala, 1998 p. 125 – 130.

[4] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Os_(rund). De ossen in Afrika waren niet zo weldoorvoed.

[5] Volgens het Mahāyāna Boeddhisme verspreid menselijke verlichting een geur van ijdelheid. Er is pas sprake van verlichting wanneer alles en iedereen verlicht is.

[6] Eerste twee versregels bij de koan Fengxue’s “Iron Ox”. Zie: Cleary, Thomas, Book of Serenity – One Hundred Zen Dialogues. Bosten: Shambhala, 1998 p. 125 – 130.

Narrator – wijst naar de sneeuw


De eerste sneeuw viel al vroeg in het najaar; de dagen waren nog niet erg kort. In die donkere ochtend klonk het geknisper van de sneeuw onder mijn schoenen gedempt door de Prästgatan waarin ons gouden huis van hoop en dromen op het eiland Gamla Stan in Stockholm stond.

Prästgatan in Juni[1]

De witte sneeuw en kou nam alle kleuren in zich op; de maan en de sterrenhemel versmolten met de sneeuw en de volle kleuren van de vorige zomer waren verdwenen. In de loop van de ochtend werd de sneeuwlaag besmeurd door het leven van alledag. Die avond verscheen een vage gloed in het licht van lantaarns.

Prästgatan in December[2]

Mijn geliefde zou die nacht thuiskomen van een bezoek aan zijn zieke moeder in Amerika. Zijn terugkeer was het begin van een grote verandering in ons leven. Hij wilde graag dichter bij zijn moeder wonen, want door haar ziekte had zij nog maar een klein jaar te leven. Tijdens zijn verblijf in Amerika bezocht mijn geliefde verschillende Boeddhistische gemeenschappen; hij had besloten in een klooster in de nabij van het huis van zijn ouders te treden. Het contact met zijn vader was nog steeds stroef door het wederzijdse onbegrip over zijn dienstweigering tijdens de Vietnam oorlog. Buiten medeweten van mijn geliefde heb ik die winter een brief aan zijn vader geschreven waarin ik een vergelijking maakte tussen het generaal pardon van president Carter in 1977 voor dienstweigering  tijdens de Vietnam oorlog en de parabel van de verloren zoon [3] in het Nieuwe Testament: Uw zoon was verloren en hij is teruggevonden [4] door het generaal pardon. Na het volgende bezoek aan zijn ouders keerde mijn geliefde blij terug; zijn vader had hem weer met open armen ontvangen.

Die winter zwoegde mijn geliefde op een Boeddhistisch vraagstuk waarin een leraar naar de sneeuw wijst en vraagt: “Is er iets dat voorbij deze kleur gaat?”. Een andere leraar zei: “Op dit punt zou ik het voor hem omvergeduwd hebben”.  Een derde leraar zei: “Hij kan alleen naar beneden duwen, hij weet niet hoe overeind te helpen”. [5]

Dit vraagstuk gaat over het passeren van de Lege Poort en de staat van verlichting. Sneeuw, koude en wit waarin de maan versmelt zijn metaforen voor verlichting. De eerste leraar vraagt naar het iets voorbij deze kleur waarbij deze kleur staat voor de weg na het passeren van de Lege Poort of na verlichting. De andere leraar verwijdert meteen de illusie van verlichting en een weg na het passeren van de Lege Poort door onder meer te verwijzen naar de kleurloze kleur en naar het Boddhisattva ideaal uit het Mahâyâna Boeddhisme waarin een mens die op het punt staat verlicht – of zelfs een levende Boeddha – te worden, hiervan uit compassie afziet totdat alles en iedereen met haar/hem de verlichting of de staat van een Boeddha te betreden. Mijn geliefde kon de uitspraken van de eerste twee leraren plaatsen, maar hij zwoegde die winter op de derde uitspraak.

Ik had net als veel mensen in noordelijke landen moeite met de korte dagen. Onze laatste gemeenschappelijk Kerstfeest en Oud en Nieuw vierden wij uitbundig met vele vrienden en bekenden. Gelukkig werden in januari en februari de dagen weer langer.

Mijn geliefde verkocht die winter zijn buitenhuis in de scheren archipel en het gouden huis in de oude binnenstad van Stockholm. Wij verhuisden voor een korte tijd naar een gehuurde houten woning op het eiland Södermalm vanwaar wij een schitterend uitzicht op de binnenstad van Stockholm hadden. Hier hebben wij onze laatste paar maanden samengewoond. Mijn geliefde studeerde en ik speelde percussie in verschillende jazz ensembles.

Asogatan_213_Stockholm[6]

Aan het begin van het voorjaar vroeg mijn geliefde wat “māyā” in het Sanskriet betekent. Hierop vertelde ik dat “māyā” in de verre oudheid de betekenis had van “kunst en wijsheid” en later zijn hier de betekenissen van “illusie”, “compassie, sympathie” en “een van de 24 kleine Boeddhistische zonden” [7] bijgekomen. De naam van de moeder van Siddharta Gautama was Māyādevī waarin “devī” als vrouwelijk vorm van “deva” [8]  onder meer “vrouwelijk godin” betekent. Ik zei ook dat mijn vader mij heeft geleerd dat “māyā” zich voordoet in de vorm van het algemene of kosmische bewustzijn en daardoor direct verbonden is met de alomvattende Īśa en daarnaast in de vorm van het afzonderlijke of menselijke bewustzijn en daarbij vaak de betekenis van illusie heeft [9]. Beide vormen komen voort en zijn opgenomen in de ene werkelijkheid.

Na deze uitleg straalde mijn geliefde. Door de warmte van de zonnegloed gingen de bloesemknoppen weer open. Met de bloesem van de lente verhuisde mijn geliefde voorgoed naar Amerika.

Bloesem Stockholm[10]

Die zomer is zijn moeder rustig verleden. Vier jaren later ontving ik een droef bericht dat mijn geliefde was overleden aan de mysterieuze ziekte die in onze vrienden- en kennissenkring rondwaarde. In onze briefwisseling heeft hij hier nooit melding van gemaakt. En altijd wanneer de bloesem …..

In de samenleving waar ik uit voortkom, betekent gemeenschapszin alles – je bent wie je kent [11]. In Stockholm was ik op zijn best de vriend van mijn geliefde. Nu ik niemand meer echt kende, was ik ook niemand meer in Stockholm. Aan het einde van de lente heb ik de huur van ons mooie houten huis opgezegd en ik ben naar Kopenhagen verhuisd.


[1] Foto van de Prästgatan op het eiland Gamla Stan begin juni. Bron afbeelding: http://sv.wikipedia.org/wiki/Pr%C3%A4stgatan

[2] Foto van de Prästgatan op het eiland Gamla Stan in december. Bron afbeelding: http://sv.wikipedia.org/wiki/Pr%C3%A4stgatan

[3] Zie het Evangelie van Lucas 15: 11-32 in het Nieuwe Testament

[7] Bron: elektronische versie van het woordenboek Monier-Williams – MWDDS V1.5 Beta

[8] Het woord Deva waaruit Deus in het Latijn, Zeus in het Grieks en Dieu in het Frans is ontstaan, is in het Sanskriet verbonden met de werkwoordstam “Div”, dat onder meer “stralen, spelen, vermeerderen” betekent.

[9] Zie ook: Nikhilananda, Swami, The Upanishads – A new Translation, Volume I. New York: Ramakrishna-Vivekananda Center, 2003, p. 57, 58

[11] Zie ook: Reybrouck, David van, Congo – Een geschiedenis. Amsterdam: De Bezige Bij, 2012, p. 58

Narrator – te voet door Frankrijk 3


Via de GR 5 liep ik in Frankrijk van de Jura naar de Vogezen. Dit gebied was dichter bevolkt en ik vond minder makkelijk een slaapplaats. Op een regenachtige avond was ik tijdens de avondschemering alleen welkom wanneer ik voor mijn overnachting betaalde. Mijn verhalen en mijn vriendelijkheid waren niet voldoende. Ik had geen geld meer en na enkele kilometers lopen vond ik een slaapplaats in de open lucht. Gehuld in plastic bracht ik de nacht wakend door. De volgende ochtend was ik klam en verkleumd. Na een uur lopen werd ik weer warm.

In de Vogezen waren er voldoende mogelijkheden om in het wild te overnachten. Het was mooi weer. ’s-Nacht stelden de maan en de sterrenhemel mij gerust. Overdag genoot ik van het mooie uitzicht. Op enkele plaatsen kon ik bijna mijn hele weg vanaf de besneeuwde Alpen overzien.

[1]

Tijdens mijn voettocht over de bergtoppen van de Vogezen ontmoette ik nieuwe geesten. Een keten van bergtoppen vormde een eeuw geleden de grens tussen de gebieden Alsace in Duitsland en Lorraine in Frankrijk. De weg – Route des Crêtes – was aangelegd door het Franse leger tijdens de Eerste Wereldoorlog [2]. De weg loopt aan de Franse zijde van de keten, zodat de weg minder kwetsbaar was voor de Duitse kanonnen. De geesten uit de velen oorlogen tussen Frankrijk en Duitsland vergezelden mij tot aan de Luxemburgse grens. Op dit deel waren zij mijn metgezellen. Ik beloofde dat mijn adem ook hun adem zou zijn zolang ik leefde net zoals mijn adem al de adem van de dorpelingen was. Samen met hen hoopte ik eens thuis te komen.

[3]

Het pad over de bergtoppen was druk belopen; ik kreeg hulp en steun van veel mensen. In de dalen voelde ik mij minder thuis. Door de beschutting kon ik de weg niet zien; ik voelde mij opgesloten. Ik wilde het oog op de weg houden. Zonder het zicht op de hemel en aarde verschenen de geesten van de dorpelingen en van de gevallen soldaten voor mijn ogen [4]. Pas veel later kon ik hemel en aarde verenigen; daarna had ik geen moeite meer om overal – ook binnen muren en in dalen – te slapen.

[5]

In het noorden van Frankrijk maakte ik met een medereisgenoot een kleine omweg naar de Maginotlinie [6]. Wij zagen de restanten bij Michelsberg [7] en Hackenberg [8]. Wij waren verbaasd hoe een samenleving zich veilig en beschut kon voelen achter deze donkere holen in de grond vol met verschrikking voor de samenleving aan de andere kant. Met mijn blik op de weg had éénheid vele gezichten, en twee had geen dualiteit. De Maginotlinie als onderdeel van de vele oorlogen tussen Frankrijk en Duitsland viel buiten mijn bevattingsvermogen.

[9]

Bij Schengen ging ik illegaal in Luxemburg een andere wereld binnen. Later zijn hier de overeenkomsten gesloten voor een vrij verkeer van mensen in een deel van Europa. Na zo’n enorme omweg met zoveel leed en waanzin van alledag konden samenleving eindelijk weer een eenheid herstellen. Het blijft merkwaardig dat een verdrag op papier nodig is voor een eenheid die voor mijn moeder even natuurlijk is als ademhalen, het bewegen van haar ogen, handen, en het bewegen van benen bij het lopen; eenheid met veel gezichten en twee zonder dualiteit.

[10]

Veel later is op 12 oktober 2012 de Nobelprijs voor de Vrede aan de Europese Unie toegekend omdat de Europese Unie en haar voorlopers meer dan zestig jaar hebben bijgedragen aan vrede en verzoening, democratie en mensenrechten in Europa. Zoveel moeite voor een bijdrage die even natuurlijk is als ademhalen.

In Luxemburg betrad ik een feeëriek trollenland.

Carla Drift – Een nomadenbestaan 3


Aan het einde van de zomervakantie had het schoolbestuur geen behoefte aan een leerkracht voor exacte vakken. Ik besloot verder te trekken. Na de zwarte bladzijde in mijn geschiedenis was de trektocht niet meer interessant. Het leven was dof en mat geworden, net als een maaltijd die naar stopverf smaakt. Maar ik moest verder. Er was geen andere keuze, want ik hoorde niet thuis op de plaats waar ik toen was. De dagen regen zich aan elkaar. Het werd herfst en het was snel donker voor de avondmaaltijd. De heuvels toonden zich in een donkere rode gloed als geronnen bloed.

[1]

De winter viel dat jaar snel. Eind november vroor het stevig en er was al sneeuw gevallen. Begin december vond ik in de loop van de ochtend een man in een veel te dunne slaapzak. De man had een donkere blauwe huidskleur, maar nu zag hij erg bleek. Door de onderkoeling was hij niet goed aanspreekbaar. Met moeite kreeg ik hem mijn caravan. Ik zette de verwarming hoog, legde hem in mijn bed en ben bij hem gaan liggen. Voor eerste keer was ik blij met een opvlieger door de overgang. Na enkele uren was de man nog steeds rillerig en bibberig. Ik heb wat te eten en drinken voor hem gemaakt dat hij met grote tegenzin tot zich nam. Om de paar uur heb ik dit herhaald. De volgende dag zijn wij naar een wintercamping gegaan. De eigenaar keek achterdochtig naar de man met het uiterlijk van een zwerver. Op deze camping hebben wij zijn kleren gewassen. Hij is onder de douche geweest en ik heb zijn haren en baard verzorgd. Nu zag hij er weer toonbaar uit. Door deze zorg had ik tijdelijk een doel in het leven.

In mijn jeugd moederde ik zonder echt succes over mijn zussen en met succes over mijn poppen, maar dat telt niet. Later had ik nooit meer voor iemand hoeven zorgen. Ik hoefde alleen voor mijzelf te zorgen – een eenzame vogel kent niet anders. Tijdens mijn onderzoeken zorgden soms anderen ervoor dat ik niet in gevaar kwam. Maar nu had iemand mijn zorg nodig – een trotse man.

Hij was rond 1960 in Afrika geboren. Zijn moeder zorgde voor hem, voor zijn broers en zussen en voor zijn vader. Zijn vader was een rondtrekkende verhalenverteller die verzorging en onderdak kreeg wanneer hij langskwam. Hij vertelde dan zijn avonturen en iedereen was gelukkig.

Op school had hij leren lezen en schrijven bij de nonnen. De rest van zijn leven bezocht hij onderweg iedere bibliotheek voor voedsel voor zijn gedachten. Het vertellen van verhalen leerde hij van zijn vader.

Met het veranderen van jongen naar jongeman, merkte hij dat zijn liefde uitging naar andere jongemannen. Zijn moeder stuurde hem weg naar een land waar mannen van mannen mogen houden. Na een lange reis was hij in Amsterdam gekomen. Zijn leven was een feest. Zijn verliefdheid geurde exotisch door de stad: hij kwam de mooiste minnaars tegen. Maar ook in deze stad sliep hij in de buitenlucht – op een balkon of met alle ramen open als hij bij iemand overnachtte. Van exotische jongeman werd hij een oudere man met grijzend haar en een vlasbaard. De verliefdheden vervlogen even snel als de jaren. Dit voorjaar is hij op drift geraakt; zijn zwerversbestaan begon. Later zal hij meer over zijn leven vertellen.

[2]

Nog steeds kon en wilde hij niet onder een dak slapen; de eerste nachten na onze ontmoeting was hij veel te zwak voor inspraak – ik liet een lampje aan. Voor de volgende koude nachten hebben wij de sterrenhemel in lichtgevende verf op de binnenkant van het hef-dak van de caravan geschilderd: het leek of wij in het donker onder een sterrenhemel lagen. Als het mooi weer was, sliepen wij buiten.

Samen zijn wij de winter verder getrokken. Wij vertelden elkaar van onze avonturen. Ik vertelde ook in bedekte termen over de zwarte bladzijde in mijn geschiedenis. Hij vertelde zijn donkere pagina’s. Een relatie hadden wij niet, want hij hield van mannen en ik was op dit gebied gesloten.

Het volgende bericht gaat over de aanvang van onze Odyssee.


[2] Bron afbeelding: bewerking op verschillende manieren van een foto.