Tagarchief: zelfbeeld

Intermezzo: een oorlog als geen ander


In het vorige bericht heeft uw verteller als intermezzo geschreven over het zelfbeeld van wereldklasse amateurroeiers, die met inzet van (bijna) alles deel willen uit te maken van de studenten roeiploegen die gaat strijden om de overwinning van een jaarlijkse roeiwedstrijd op de Thames. Dit bericht gaat over het zelfbeeld van mensen die betrokken zijn bij geweld en deelname aan oorlog.

Geweld en oorlog tussen mensen gaan al heel lang met de mensheid samen [1]. De jager-verzamelaars lijken onderling een redelijk vredig bestaan te hebben geleid. Uw verteller heeft eens gelezen dat een onderzoeker een vredig levende bejaarde vrouw in een samenleving die nog van jacht en verzamelen leefde, heeft geïnterviewd over geweld in haar leven. Zij zei een vredig bestaan te hebben geleid. De onderzoeker vroeg haar naar de mannen in haar leven. Zij vertelde dat zij was getrouwd met drie mannen waarvan de eerste was omgekomen tijdens een conflict met een andere stam, haar tweede man was gedood door haar derde man toen hij de plaats van haar tweede man wilde innemen. Nu leefde zij gelukkig en vredig met haar derde man.

De vee-roof die onderdeel uitmaakt van de rituelen binnen de vee-cyclus, is waarschijnlijk met geweld en bloedvergieten gepaard gegaan [2]. De eerste mythen en sagen – zoals het Gilgamesh-epos, de Ilias, de Mahābhārata en het Oude Testament van de Bijbel staan vol van geweld en oorlog. Deze mythen verhalen niet alleen over de zin van het leven en de drijfveren van onze voorouders en over vertrouwen en wantrouwen, maar zij prenten ook een zelfbeeld in voor de luisteraars. Zij geven zin en duiding aan oorlog en geweld en zij verschaffen de luisteraars archetypen voor zingeving in hun eigen levens – dus ook zingeving aan leven èn dood door gewelddaden en oorlogshandelingen.  In de Mahābhārata verwerft een krijger pas onsterfelijke roem op het moment dat vrouwen hem als gevallenen op het slagveld in schrille jammerkreten bewenen en daarbij met rouw zijn vergane leven en mooie verschijningsvorm roemen [3].  Een hedendaagse reflectie hiervan heeft de eerste hoofdpersoon gehoord in een video die te zien is in het herdenkingsgebouw bij de militaire begraafplaats naast Omaha Beach bij Colleville-sur-Mer in Normandië in Frankrijk: een van de overlevenden noemde de gevallenen de echte helden van de oorlog.

Een ander voorbeeld van het grote belang dat aan heldendaden in oorlog wordt toegekend, is de filosoof Socrates.

[4]

Socrates leefde van ongeveer 470 v. Chr. tot 399 na Chr. Hij is beroemd als filosoof. Zelf sloeg Socrates zijn daden op het slagveld tijdens de Peloponnesische oorlog hoger aan dan zijn bijdrage aan de filosofie. Tijdens de slag bij Delium [5] heeft Socrates op middelbare leeftijd als hoplite – zie onderstaande afbeelding – deelgenomen.

[6]

Ten tijde van Socrates hadden veel vrije mannen een wapenuitrusting waarin zij redelijk goed beschermd door een bronzen helm, schild en borst en beenplaten dicht op elkaar aan een veldslag deelnamen. Iedere strijder moest in de strijd deels bescherming zoeken achter het schild van zijn buurman.

Vroeger werd er in Griekenland tussen twee dorpen gestreden over bijvoorbeeld het recht op het gebruik van een akker. De mannen van beide dorpen ontmoeten elkaar ’s-morgens op de betreffende akker. In strijdorde – met hun wapenuitrusting – probeerden zij als in een rugby-scrum de overhand te krijgen.

[7]

Als bij een partij de linie werd gebroken en deze partij op de vlucht sloeg, dan kwam de bloeddorst bij de winnende partij pas goed los. In de vlucht vielen de meeste slachtoffers bij de verliezers. Door hard weg te rennen met achterlating van de zware wapenuitrusting kon de verliezende partij met behoud van leven het strijdperk verlaten. Het dodenaantal bij de verliezers was vaak 10 % van de strijders. De verliezen bij overwinnaars waren veel minder. Waarschijnlijk was de werkelijkheid veel wreder dan de gestileerde beschrijvingen.

Tijdens de slag bij Delium in 424 v. Chr. – waaraan ongeveer 14.000 hopliten deelnamen – werden de linies van Athene onder druk zo gedraaid dat een deel van de Atheners de eigen linies aanvielen. Mede deze verwarring zorgde er voor dat de Atheners op de vlucht sloegen. Tijdens deze zeer chaotische vlucht heeft Socrates onverstoorbaar de eer als hoplite hoog gehouden door met een groepje medestanders alle aanvallers te weren en rustig de aftocht te nemen [8]. Ook hier zal de mythe in Plato’s Symposion waarschijnlijk mooier zijn dan de werkelijkheid. De Atheners hadden ongeveer 1000 doden te betreuren; de slag was laat op de dag begonnen en de duisternis voorkwam meer bloedvergieten.

Het volgende bericht gaat verder over de Peloponnesische oorlog.


[1] Zie ook: Keegan, John, A History of Warfare. London: Pimlico, 2004

[2] Zie ook de berichten Rituelen – Deel 2 van 27 maart 2011 en Drie – Dubio transcendit van 28 april 2011.

[3] Zie McGrath, Kevin, STR women in Epic Mahâbhârata. Cambridge: Ilex Foundation, 2009 p. 25

[4] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Socrates

[7] Foto van Maree Reveley. Zie: http://en.wikipedia.org/wiki/File:Scrum-1.JPG

[8] Bronnen: Hanson, Victor Davies, The wars of the ancient Greeks. London: Cassell & Co, 2000 p. 112-113 en Lendon, J.E., Song of Wrath – the Peloponnesian war begins. New York: Basic Books, 2010 p. 314

Advertenties

Intermezzo: amateurs


Uw verteller mag dit intermezzo nog enkele berichten verzorgen. Dit bericht gaat over wereldklasse amateurroeiers, die met inzet van (bijna) alles deel willen uit te maken van een van de twee studenten roeiploegen die gaat strijden om de overwinning van een jaarlijkse roeiwedstrijd op de Theems.

Tijdens zijn vakantie heeft de eerste hoofdpersoon het boek “The last Amateurs” van de auteur Mark de Rond gelezen over de voorbereiding van de roeiwedstrijd tussen de universiteitsploegen van Cambridge en Oxford. De ondertitel van het boek is “To hell and back with the Cambridge boat race crew” of vrij vertaald “naar het einde van de wereld en terug met de Cambridge roeiploeg”.  Het tweede deel van de zoektocht naar “Wie ben jij” van beide hoofdpersonen zou ook de ondertitel “Naar het einde van de wereld en terug” kunnen krijgen en beide hoofdpersonen zijn ook amateurs. Zij verrichten – net als de roeiers hun trainingen – deze zoektocht uit een diepe innerlijke drang en voor tijdelijke momenten van vreugde bij het bereiken van een mijlpaal die tegelijkertijd weer een nieuwe horizon ontvouwt.

[1]

Naast hun studie aan de universiteit van Oxford of Cambridge bereiden de roeiers – waarvan velen al in Olympische wedstrijden of wereldkampioenschappen voor hun land zijn uitgekomen – zich gedurende zeven maanden meestal twee keer per dag voor op selecties en op de uiteindelijke wedstrijd. In de loop van de morgen vindt een training van meer dan een uur op een roei-ergometer plaats.

[2]

In de middag volgt een training in de roeiboot van ongeveer twee uur. Een onderdeel van de voorbereiding is een voortdurende selectie op de roei-ergometer om te bepalen welke kandidaat-roeiers het meeste vermogen kunnen leveren. Ook vinden steeds selecties in wisselende ploegen in de boot plaats om een indruk te krijgen welke samenstel van roeiers de snelste roeiploeg zal opleveren. De kandidaat-roeiers van een studentploeg zijn in de voorbereiding elkaars kompanen en elkaars tegenstanders. Een mengeling van deze factoren is van invloed is op het keuze proces, want als een roeier wordt beoordeeld in een test wedstrijd, dan spannen de andere roeiers zich onbewust net even meer in voor een goede vriend. Aan het einde van het selectieproces neemt soms de toekomstige ploeg de selectie volledig in eigen hand, waarbij volledig aan de stem van de coaches wordt voorbij gegaan.

De roeiers die zich voorbereiden, hebben een totaal verschillende achtergrond en zij komen uit vele landen. Sommige roeiers hebben alles moeten aangrijpen om op de universiteit en bij de roeiploeg te komen. Andere roeiers zijn zondagskinderen: zij hebben alles mee om deze positie te bereiken. Uiteraard hebben de roeiers een stevige lichaamsbouw gemeen, maar zij hebben vooral gemeen dat tijdens de voorbereiding en na de race hun zelfbeeld volledig afhankelijk is van de uitkomsten van de selectie en de wedstrijd. Een positieve uitkomst bevestigt hun status als alfa-man en een negatieve uitkomst laat het zelfbeeld – tijdelijk? – verschrompelen tot nietsnut. Hun rol als student en hun bevoorrechte positie in de samenleving valt volkomen in het niet bij hun positie in de roeiploeg. Zij leven voor hun zelfbeeld volkomen voor het roeien en daarnaast nog een beetje voor hun studie.

Uw eerste hoofdpersoon heeft met verbazing kennis genomen van de extreme wisseling van het zelfbeeld van de roeiers dat afhankelijk is van de uitkomst van de selectie en de wedstrijd. Deze wisseling van zelfbeeld lijkt kenmerken te hebben van het gevoel al dan niet in Gods genade te zijn [3]. Uw eerste hoofdpersoon heeft een zeer zware zoektocht achter de rug; voortgekomen uit het volkomen Al en Een, gescheiden en volledig uiteengevallen bij de eerste scheuring van lucht en aarde en alle volgende scheidingen tijdens Twee, door vertrouwen weer in evenwicht gebracht tijdens Drie. De roeiers hebben deze reis ook al achter de rug, maar zij zijn zich hiervan niet bewust omdat hun aandacht op andere activiteiten is gericht. Ondanks deze vergaande veranderingen vindt de eerste hoofdpersoon zijn zelfbeeld redelijk in balans, maar de verkenning van het leven van alledag moet nog beginnen.

Als voorbereiding op de zin en waanzin van alledag heeft uw hoofdpersoon drie boeken over de Peloponnesische oorlog tussen Athene en Sparta van 431 tot 404 voor Christus gelezen.

 [4]                                                    [5]

[6]

Het volgende bericht gaat over “een oorlog als geen ander” of over roeiers in triremi tijdens de Peloponnesische oorlog.

 [7]


[1] Bron afbeelding: http://www.alumni.cam.ac.uk/events/date/index.shtml?event=EV200909140001.xml&cat=allevents&radar=600

[2] Bron afbeelding: http://nl.wikipedia.org/wiki/Indoorroeier

[3] Zie ook bericht “Drie – Object in het midden – Het Woord” en Psalm 119:105-106 en 118-119

[4] Cover van: Hanson, Victor Davis, A War like no other – How the Athenians an Spartans fought the Peloponnesian War. London: Methuen, 2005

[5] Cover van: Kagan, Donald, The Peloponnesian War – Athens and Sparta in savage Conflict 431 -404 BC. London: Harper and Collins Publishers, 2003

[6] Cover van: Lendon, J.E., Song of Wrath – the Peloponnesian war begins. New York: Basic Books, 2010